Thuiszitter

Het is een woord waar ik me vroeger weinig bij voor kon stellen: thuiszitter. Kinderen die noodgedwongen langer dan 4 weken thuis zitten omdat ze niet naar school kunnen, terwijl ze wel leerplichtig zijn en ingeschreven staan bij een school. Ik stelde me dan voor dat dit ging om agressieve onhandelbare kinderen, die niet te handhaven waren op school. Want waarom zou een kind anders in hemelsnaam niet naar school kunnen, als er geen sprake is van ziekte? Ik kon het niet bedenken, dat beken ik eerlijk. Maar zoals met zoveel dingen is de praktijk alles behalve zwart-wit. Christian heeft nu zomervakantie, maar de afgelopen zes weken is hij slechts drie dagen per week naar school geweest. De andere twee dagen heeft hij thuis gezeten, waarbij hij dus officieel ongeoorloofd verzuimde. Dat maakt hem ‘slechts’ een deeltijd thuiszitter en hij telt dan ook niet mee in de statistiek, maar je gaat het je toch afvragen. Hoe heeft het zover kunnen komen dat wij –en dus duizenden ouders in Nederland- geen andere oplossing zagen dan deze vrij drastische maatregel?

Het ene gezicht van Christian: op school

Hij gaat sinds 2012 naar zijn huidige cluster 4 school en het kleuterprogramma kwam hij best redelijk mee. In januari 2014 startte hij met groep 3 leerstof. Dat was het moment dat de geleidelijke achteruitgang begon. Bij het oudergesprek in februari 2014 had school ook zorgen: hij was erg afwezig, onrustig, kreeg veel dingen niet goed mee en ze twijfelden over zijn capaciteiten. Dit resulteerde in een nieuwe IQ test, die een stuk lager uitviel. Het tempo en niveau werden hier op aangepast, medicatie opgehoogd en school was daarna tevreden met zijn deelname in de klas. Meerdere oudergesprekken volgden en in januari 2015, na 10 maanden onderwijs, bleek hij de helft –en op sommige punten nog minder- van het beoogde niveau, groep 3, gehaald te hebben. Hierop werden streefdoelstellingen weer bijgesteld en leerkracht was erg te spreken over Christian. Hij deed enthousiast mee, was leergierig, vrolijk, ging goed om de andere kinderen, er waren geen conflicten. Geen vuiltje aan de lucht. Voor de zomer van 2015 bleek hij netjes op de in januari uitgezette leerlijn vooruitgegaan te zijn, dus school was uitermate tevreden. Even wat bijschaven, maar nu: probleem opgelost.

Het andere gezicht van Christian: thuis

Vanaf het moment dat leerstof groep 3 werd gestart in januari 2014, steeg de onrust in zijn hoofd en zijn lijf. Hij kwam uitgeput en overprikkeld uit school, stuiterde luidruchtig de hele kamer door, was enorm emotioneel en luisterde nauwelijks, kwam tot niets. We herkenden ons zeer in het idee dat hij overvraagd werd en het was geen verrassing toen zijn IQ 68 bleek te zijn. De veranderingen die school inzette naar aanleiding van die test waren voor ons thuis niet merkbaar. Christian begon zich bewust pijn te doen, door bijvoorbeeld zijn hand tegen de muur beuken en onze zorgen namen toe. Een oudergesprek in mei 2014 resulteerde in een hoop aanvullende afspraken gericht op prikkelreductie. Daarnaast werd zijn medicatie opgehoogd om de onrust thuis te verminderen en werd intensieve gezinsondersteuning ingeschakeld. Even –een maandje?- leek dit goed te werken, Christian sloot ook naar onze tevredenheid het schooljaar af.

Na de zomervakantie startte hij heel moeizaam. Broekplassen, drift- en huilbuien, onrust, we hadden onze handen er vol aan. We gingen hard aan de slag met onze gezinsondersteuner, maar zonder resultaat. Dus kwamen we toch weer terug bij school als bron van overprikkeling. In december 2014 vroegen wij voor de tweede keer aan school of cluster 4 niet te hoog gegrepen was. In onze beleving waren we immers al een jaar aan het tobben en gezien zijn IQ en bijkomende vrij ernstige autisme, leek ons cluster 3 meer op zijn plaats. Nee, hij was ‘te goed’ voor een lager niveau onderwijs. Op zoek naar een oplossing wendde we ons in januari 2015 tot de kinderpsychiater. Medicatie werd wederom opgehoogd en naschoolse dagbehandeling werd aangevraagd. In februari 2015 vroegen wij met klem een netwerkoverleg aan om de situatie te bespreken. Thuis zaten wij nog steeds met een onrustig kind, dat ook in toenemende mate in zijn eigen wereldje verkeerde. School benadrukte nog eens dat hij didactisch te goed was voor het ZMLK onderwijs en dat oplossing dus echt van elders moest komen. Ze wilden het ‘resultaat’ van dagbehandeling afwachten.

Christian gleed steeds verder af. Tegen de tijd dat de dagbehandeling gerealiseerd werd in mei 2015 was hij doodmoe. Klaagde over buikpijn, hoofdpijn, wilde niet naar school. Hij werd mat en apathisch, verdrietig en simpelweg doodongelukkig. En dat was al voor de dagbehandeling startte, de belasting daarvan duwde hem snel over de rand. Hij kwam thuis met akelige, angstige verhalen dat hij lastig gevallen werd door de WC-pot en uitgescholden werd door de wasbak. Compleet doorgedraaid. De grip op realiteit aan het verliezen. Na een zoveelste oudergesprek op school dat tot weinig begrip leidde – “Hij doet het echt goed hè!”- en waarbij zelfs een thuis gemaakt filmpje maar weinig reactie losmaakte, zagen wij nog maar één optie. Er voor zorgen dat onze zoon de rust kreeg waar hij overduidelijk naar snakte. En dus mocht hij thuis blijven van school en halveerde we de middagen bij de naschoolse dagbehandeling. Rustdagen noemen we ze. Tranen van opluchting stonden in zijn ogen en de eerste weken heeft hij vooral dat gedaan: rusten. Alsof hij ziek was. In pyjama, op matrasje, alleen maar filmpjes kijken en slapen. Nu, zes weken later, is hij weer ontspannen en vrolijk, zoals we hem eigenlijk in geen tijden hebben gezien. Het gevoel van een moeder liegt niet.

En hoe nu verder?

Maar hoe is het toch mogelijk dat er zo’n verschil ontstaat tussen het gedrag op school en het gedrag thuis? Iedere kinderpsycholoog zal je meteen vertellen dat kinderen zich zullen uiten waar ze zich veilig voelen en zich thuis zullen laten gaan. Als ik mezelf verdrietig voel, ga ik ook niet op mijn werk een potje janken. Nee, ik slik mijn tranen weg en wacht tot ik in de privacy van mijn eigen huis ben, daar laat ik ze dan op de loop. Volledig begrijpelijk dat mijn kind dat dus ook doet. Maar hoe krijgt hij het voor elkaar om op school zo enthousiast te zijn en thuis zo ontzettend ongelukkig? Hoe kan hij zo abrupt en zo volledig omslaan van de ene naar de andere gemoedstoestand? Ik weet het antwoord niet, maar onze gezinsondersteuner vermoed dat dit met het autisme te maken heeft. Met het detail denken, het denken in losse hokjes. Met gebrekkige tot geen samenhang zien tussen zaken. Hij heeft een knop in zijn hoofd, die hij echt om kan zetten, op een manier die onmogelijk is voor ons.

Daarnaast is Christian een ‘pleaser’. Hij snakt naar bevestiging en complimenten van een volwassene –omdat hij weinig zelfvertrouwen heeft?- en is dus gemakkelijk het braafste kindje in de klas. Hij doet ontzettend zijn best om aan alle verwachtingen te voldoen en negeert hierbij dus volledig zijn eigen grenzen. Door zijn autisme kan hij dan ook nog moeilijk dingen loslaten en zich –tot obsessief toe- vastbijten in dingen, waardoor hij door gaat. En door gaat. En door gaat. Hij is niet bij machte om dit zelf te reguleren en moet dus in bescherming worden genomen. Tegen zichzelf.

Door ons handelen –het bewust thuishouden van een leerplichtig kind- hebben we gelukkig nu wel een ‘doorbraak’ bij school geforceerd. Samen met het tonen van een aantal hartverscheurende filmpjes van een zeer ongelukkig kind zijn de oogkleppen eindelijk afgevallen. School lijkt nu eindelijk begrip te hebben voor onze wensen en na de zomervakantie gaat de bureaucratie in gang gezet worden om hem geplaatst te krijgen op de cluster 3 school. Waar wij een jaar geleden al om gevraagd hadden. Het frustreert dat het zover heeft moeten komen, het voelt als een gevecht dat we hebben moeten voeren, maar uiteindelijk telt nu alleen de overwinning. Zo gaat dat dus. Op zulke manieren ontstaan dus de duizenden thuiszitters die Nederland telt. Ik denk dat ik nu beter begrijp welk leed, welke frustratie, welke schrijnende verhalen achter ieder van die kinderen moet zitten. En hoe moeizaam oplossingen tot stand komen, Passend Onderwijs ten spijt…