Nieuwe school

“Mama, waar is die school dan? Hoe ziet die eruit? Is de klas groot?” Christian zit naast me in de auto en zijn hoofdje loopt over van de vragen. Achter de schermen zijn wij er al heel lang mee bezig, maar een paar dagen geleden hebben we hem voor het eerst verteld dat hij binnenkort naar een nieuwe school zal gaan. We zijn nu op weg om samen een kijkje te nemen, zodat hij de juf kan ontmoeten, de kinderen kan zien en een beeld kan krijgen van waar hij heen zal gaan. Ik vond het best spannend om hem het nieuws te brengen. Hoewel wij –manlief en ik- zeker weten dat dit een goede stap is, gaat het me toch niet in de koude kleren zitten. Wisselen van school is een grote verandering in een kinderleven, waarvan de impact niet goed te voorspellen is. Maar Christian heeft slechts 1 keer gevraagd, “Waarom?”. Hij kon mijn uitleg over minder druk, minder hard hoeven werken, meer rust, niet echt volgen. “Oh. Dus ik ga naar een nieuwe school?” zei hij, na er even over nagedacht te hebben. Ik knikte. Na een korte stilte kwamen de vragen. Uitsluitend van praktische aard. Wat, waar, wanneer… Geen woord over zijn huidige juffen, de kinderen in zijn huidige klas –waarvan hij er toch minstens 1 als zijn vriend aanmerkt. Een woord van mij en hij sluit het mapje ‘oude school’ af, klaar om door te gaan naar het volgende. Ik zou niet verbaasd moeten zijn, tenslotte deed hij dit bij de overgang van dagbehandeling naar school precies zo, maar toch blijft het me verwonderen. Het zwart-wit-denken, het leven in het ‘nu’ , het denken in hokjes en daarmee ook abrupt knoppen om kunnen zetten, dat deel van zijn autistische brein werkt dan nu in ons voordeel.

Was de rest ook maar zo makkelijk gegaan. Omdat speciaal onderwijs –uiteraard, dat begrijp ik wel- veel meer geld kost, heeft overheid een boel regeltjes bedacht om er voor te zorgen dat het alleen wordt toegewezen aan diegene die het echt nodig hebben. Althans, dat is de intentie. En vanaf augustus 2014 zijn die regeltjes ook weer veranderd toen Wet op Passend Onderwijs in werking trad. Dus hoe bemachtig je nu dan zo’n felbegeerde dure onderwijsplek?

Stap 1

De huidige school waar je kind zit moet een toelaatbaarheidsverklaring (TLV) aanvragen bij het samenwerkingsverband. Dit is een uitgebreid formulier waarin school moet aangeven waarom zij niet aan de onderwijsbehoeften van het kind kunnen voldoen en er dus ander passend onderwijs moet worden gevonden. Dit was de moeilijkste stap, het heeft ons ongeveer 1,5 jaar gekost om school zo ver te krijgen dat ze dit wilden gaan doen (lees meer: thuiszitter). In vroegere tijden, zeg maar voor augustus 2014, moesten ouders dit zelf in gang zetten, maar nu loopt het in principe via de school. Ik zeg in principe, want op het moment dat het bijna rond was, kregen we opeens te horen dat het ook anders had gekund. We hadden Christian simpelweg kunnen aanmelden bij de school van onze keuze en dan had die school de plicht gehad om ‘uit te zoeken’ of hij plaatsbaar was. En ja, dat geldt ook voor speciaal onderwijs. Een wijze les. Ga er niet klakkeloos vanuit dat instanties je de hele waarheid vertellen, zeker als het om nieuwe regeltjes gaat.

Stap 2

De TLV komt in handen van een trajectbegeleidster, in dienst van het samenwerkingsverband. Zij beoordeelt en coördineert de aanvraag, namelijk of er voldoende (goede) informatie voor handen ligt om een beslissing te kunnen nemen. Ook organiseert zij een zogenoemd MDO (multidisciplinair overleg), waarin aanvragende school, ouders en beoogde plaatsende school (en eventuele andere belanghebbenden) aan een tafel zitten om te bespreken wat het kind nodig heeft. Dat gesprek vond plaats op 13 oktober 2015, een zestal weken nadat ik de TLV-aanvraag ondertekende. Wat er precies in de 6 tussen liggende weken is gebeurd, dat weet ik niet. Ik geloof dat onze aanvraag netjes op een stapeltje op een bureau is komen te liggen en dat hij zijn beurt heeft moeten afwachten. In onze ogen was er toch ‘haast’, gezien het feit dat Christian nog steeds maar deeltijd naar school gaat, maar de trajectbegeleidster had het ‘druk’, er lagen tig aanvragen op haar te wachten. En wettelijk gezien mag de procedure 10 weken duren, dus geen recht van klagen.

Het was wel een prettig gesprek en oh zo belangrijk dat wij daar bij konden zijn. De aanvraag van orthopedagoog maakte weinig indruk op de trajectbegeleidster, uit de informatie die daar in stond kon ze niet opmaken waarom een overplaatsing nodig was? Ik vermoed al langere tijd dat er zeer slechte dossiervorming is –ik betwijfel of er ooit iets van onze gesprekken echt gedocumenteerd is, laat staan dat gemaakte afspraken goed op schrift staan- en de orthopedagoog had duidelijk broddelwerk geleverd. Onvolledig, laatste didactische resultaten niet aanwezig, geen woord over overvraging in het ontwikkelingsperspectief profiel. Een verwijtende blik onze kant op: “Ik heb het zo snel mogelijk na vakantie ingevuld, daarom niet goed gecontroleerd op volledigheid.” Het was duidelijk dat ze niets op een rijtje had en nam toevlucht tot andere excuses: “Ik weet niet precies wat mijn voorgangster precies gedaan heeft.” En toen werd haar weer die hamvraag, die wij ons ook vaak gesteld hebben, voorgelegd: “Waarom heeft het zo lang moeten duren? Als je al in maart 2014 een IQ uitslag van 68 vindt bij een kind met ernstig autisme… Welke oplossing had je dan voor ogen?” Ik ben nog steeds vreselijk nieuwsgierig naar het antwoord, of misschien simpelweg de erkenning dat ze een fout heeft gemaakt, het fout heeft ingeschat. Maar met een blos op haar wangen kwam ze niet verder dan: “Didactisch gezien zou hij gewoon bij ons kunnen blijven.” Helaas omvat de ontwikkeling en het leven van onze zoon heel wat meer dan alleen didactiek… De psycholoog van onze beoogde school ziet het helemaal zitten en met onze toelichting begrijpt de trajectbegeleidster precies hoe wij op dit punt beland zijn. We tekenen allemaal de TLV.

Stap 3

De ondertekende TLV wordt, samen met een onderbouwing van de trajectbegeleidster –waarvan ik de inhoud niet ken- aangeboden aan een commissie van onafhankelijke experts (gedragsdeskundigen) om de juistheid ervan te toetsen. Gelukkig zijn deze mensen gebonden aan een wettelijke termijn van 5 werkdagen en zowaar op 24 oktober 2015 lag de toelaatbaarheidsverklaring op onze deurmat. Hij gaat nog 1 keer naar zijn oude school om afscheid te nemen en dan start ons nieuwe en hopelijk een stuk rustigere avontuur op zijn nieuwe school.

Zijn we nu echt helemaal klaar? Nee, uiteraard niet, er blijft nog een struikelblok liggen: taxivervoer. “Andere school? Dan moet u opnieuw vervoersvoorziening aanvragen. Maar we zullen ons best doen om hiaten in het vervoer te voorkomen.” Aldus mijn gemeente. Tenenkrommende bureaucratie. In mijn ogen hoeft hij alleen maar op een andere route ingedeeld te worden, maar blijkbaar ligt het niet zo simpel. Waarom ben ik niet verbaasd? Zucht.

Advertenties

Samen spelen

“Eveline? Zullen we brandweerman Sam spelen?” hoor ik Christian vragen. Ik vermaak mij aan de andere kant van de kamer met een berg wasgoed en kan een verheugde glimlach niet onderdrukken. Christian heeft een uitstekende dag vandaag en dit is het ultieme bewijs. Samen spelen is absoluut niet zijn ding en hij benadrukt meestal heel duidelijk dat hij alléén wil spelen. Maar toch, zo heel af en toe, als hij ontspannen is, heeft hij wel zin om te spelen met zijn zus. Het onderwerp ‘Brandweerman Sam’ lag voor de hand, aangezien hij zojuist een half uur afleveringen heeft zitten kijken van deze –overigens tenenkrommende als je het mij vraagt- serie. Eveline heeft er wel oren naar en gezamenlijk gaan ze op zoek naar alle attributen. Want wat is brandweerman Sam zonder brandweerpak, helm, brandweerslang, brandweerauto?

Een dikke tien minuten later staan ze in de startblokken om daadwerkelijk te beginnen. “Eveline, jij mag het eerste filmpje kiezen. Welke wil je?” vraagt Christian dan. Eveline bedenkt een titel van een ‘aflevering’, “We spelen ‘Brand in de supermarkt’, ik ben Jenny en jij…” zegt ze en Christian schreeuwt er meteen doorheen dat hij brandweerman Sam is –uiteraard! Aansluitend begint hij luidkeels de titelsong van de serie te zingen. “Wacht, wacht, wacht!” gilt Eveline, omdat ze naar haar idee niet voldoende heeft kunnen uitleggen wat ze gaan spelen. De derde schrille “Wacht!” dringt tot Christian door en verward zwijgt hij. Hij heeft het woord ‘supermarkt’ opgevangen en hij kent de aflevering over supermarkt, dus hij begrijpt niet waarom Eveline niet gewoon meespeelt? Eveline schetst de situatie, een ruw script voor wat ze gaan spelen, terwijl Christian onrustig heen en weer springt en danst. Als hij echt luistert, vreet ik mijn schoen op. Eveline is nog niet klaar met vertellen als hij ongeduldig onderbreekt. “Ja, ja!” en hij zet wederom de titelsong in. Eveline fronst even, maar besluit hem geen tweede keer te onderbreken. Zachtjes zingt ze mee.

Als Christian het over ‘spelen’ heeft, dan denkt hij uitsluitend in filmpjes. Spelen betekent voor hem letterlijk naspelen van afleveringen of filmpjes die hij eerder gezien heeft. Hierbij is alles al duidelijk, het script ligt al compleet klaar: begin, midden, einde. Vanuit autisme bekeken is het eigenlijk best logisch. Geen verrassingen, overzicht, geen onduidelijkheden. Ideaal dus. Heel soms maakt hij kleine variatie hierop, door verschillende scripts met elkaar te combineren, tot een ‘nieuw’ geheel, maar dat is sporadisch. Ik moet zelf altijd wel een beetje gniffelen als ik hem bezig hoor. Want naspelen neemt hij heel letterlijk. Begintune of titelsong, geluidseffecten, muziek, tekst, aftiteling. Alles zit erop en eraan. Met soms ook commentaar van de ‘regisseur’: “Mama, kijk, hij gaat beginnen! Mama, daar komt het liedje. Mama, hij is net op tijd afgelopen!” Daarnaast krijg je zo een glimp van zijn excellente geheugen, waar het dit soort details betreft. Ik doe het hem niet na. Soms heeft het ook iets tragisch. Dat zijn hoofd zo vol loopt met informatie die niet relevant is, maar wel ‘ruimte’ op zijn harde schijf inneemt.

Goed, in zijn hoofd ligt het script dus helemaal vast. Dan voegen we daar aan toe het spel van Eveline. Die een rijke fantasie heeft en zich kan laten meeslepen door haar eigen ideeën, misschien nog wel meer dan een gemiddeld kind. Al spelende borrelen nieuwe ideeën op en haar script is vloeibaar, kneedbaar, onbegrensd. Alle goede bedoelingen van beide kinderen ten spijt, weet ik dat het simpelweg een kwestie van tijd is voor er één gefrustreerd afhaakt.

“Nee, dit is mijn speciale telefoon, als ik hierop druk kan ik vliegen.” hoor ik Eveline zeggen. Ik kijk naar Christian. Eveline denkt hardop verder in haar eigen idee, enthousiast meegesleept door haar eigen fantasie. Christian staat onzeker stil. Heel vluchtig kijkt hij haar even aan, maar staart dan naar de grond. Ik zie hem zijn hersens pijnigen. Hij kan geen aflevering van brandweerman Sam bedenken waar dit in voorkomt en is in de war. Wat zijn ze nu aan het spelen dan? Dit staat niet in het script. Ik zie de spanning in hem stijgen en na een stilte zegt hij: “Ja.” Er werd geen antwoord van hem verwacht en de opmerking komt uit de lucht vallen. Eveline kijkt hem ook even bevreemd aan. “Eveline, zullen we dan nu het noodgeval spelen?” vraagt hij tenslotte, in een poging haar weer terug te krijgen in het script, zodat hij weet wat hij moet doen of zeggen.

Eveline laat zich niet zomaar van de wijs brengen, maar als Christian zijn vraag voor de vijfde keer, zeer indringend, herhaalt geeft ze toe. Ze voegt zich weer in de voorspelbare routine en enkele minuten genieten ze beide van hun samenspel. Dan borrelt er weer een nieuw idee op. “Nee, weet je, Christian, ik was heel erg verkouden en je kon mij niet bereiken. Ik moest eerst naar de dokter, en…” Christian verstijft weer, kijkt naar zijn voeten en hij weet zich geen raad met deze onverwachte wending. Ik hoor hem na een minuutje weer bedremmeld “Ja.” zeggen en hij gaat dan zelf luidruchtig verder met het ‘filmpje’ in de hoop dat Eveline zich weer zal voegen. En dat doet ze. Voor even. Na een paar minuten gooit ze er weer een onbekend element in en Christians reactie blijft hetzelfde.

Hij heeft echt een goede dag, want pas de vijfde keer dat Eveline van het ‘script’ afwijkt, haakt hij af. Meestal besluit hij na de eerste of tweede keer al dat hij er niet tegen kan, maar nu was de wens om samen te spelen blijkbaar groot genoeg om deze mate van spanning en onzekerheid zo lang vol te houden. Maar nu is het toch echt gedaan. Met een verdrietige uitdrukking op zijn gezicht komt hij naar me toe en zijn woorden zijn geen verrassing: “Mama? Mag ik een filmpje kijken? Ik vind spelen zo moeilijk.” Ik zie de spanning in zijn lijf, de verwarring en de vermoeidheid van proberen Eveline bij te benen, en weet dat hij nu ook echt even nodig heeft om tot zichzelf te komen. Hij mag van mij op de tablet en op zijn plekje aan de eettafel gaat hij opgelucht achter zijn beeldschermpje zitten. Even later klinkt de titelsong van brandweerman Sam door de kamer en fladderend geniet Christian van de aflevering. Die hij vast al tien keer gezien heeft. Maar met nog steeds hetzelfde begin, midden en einde. Dat script staat geruststellend vast.