De dood

Hij is er altijd, miljoenen mensen over de wereld hebben er mee te maken: de dood. Soms komt hij in de buurt, soms heel erg dichtbij. De afgelopen weken was de dood dichtbij en heb ik plotseling afscheid moeten nemen van een dierbare vriendin. Ik heb geen woorden voor de oneerlijkheid, de bruutheid, de abruptheid waarmee zij uit het leven gerukt is, terwijl ze eigenlijk gewoon met het vliegtuig op weg was naar een welverdiende vakantie. Er zijn ook nauwelijks woorden om uit te drukken, het verdriet, het gevoel van machteloosheid, de woede, de leegte. En toch heb ik veel woorden moeten gebruiken om de kinderen uit te leggen wat er aan de hand is. Een lastige taak.

Op het moment dat ik het hoorde, waren wij op vakantie. In de vroege ochtend kwam de bevestiging van haar overlijden en ik werd meteen overspoeld door emoties die zich een uitweg zochten een stille stroom van tranen. “Mama, waarom huil je?” Verdwaasd keek ik in de richting van de deur van de stacaravan (ik was voor het telefoongesprek even naar buiten gelopen). Daar stonden ze, in hun pyjama, bleke gezichtjes met een bezorgde frons. Mijn twee kleutertjes. Christian leek op het punt te staan ook zelf in tranen uit te barsten. Niet dat hij mijn vriendin echt gekend heeft. Nee, hij werd overspoeld door een gevoel van paniek omdat er iets ‘goed mis’ is met mama.

Mijn man en ik hadden meteen de beslissing al genomen om de vakantie te onderbreken en naar huis te gaan, diezelfde dag nog. Dus uitleg moest er komen. In simpele bewoordingen hebben we de kinderen uitgelegd dat mijn vriendin dood was, dat ik daarom verdrietig was en dat we daarom ook vandaag naar huis gingen. Vooral dat laatste was natuurlijk een abrupte verandering in het programma. Ik verwachtte veel tegengesputter, veel dwarsheid, maar niets was minder waar. Christian leek helemaal lamgeslagen en dook uiteindelijk weg in een hoekje van de bank, zijn gezicht verbergend, in stilte. Af en toe afgewisseld door plat liggen en rollen op de grond. Maar verder geen woord van protest. Het was natuurlijk wel ‘makkelijk’, maar ook hartverscheurend. Dat hij zo van de kaart was, dat hij niet eens kon protesteren.

Eveline leek ook aan te voelen dat het menens was en heeft ook niet geprotesteerd. Wel gevraagd. Waarom is ze dood? Waarom ging het vliegtuig kapot? Is ze nu in de hemel? Komt ze ooit nog terug? De stilte van Christian vond ik makkelijker dan de vragenstroom van Eveline.

Ook daarna, eenmaal thuis, was het autisme eigenlijk wel makkelijk. Eveline had tig vragen, die moeilijk te beantwoorden zijn, zoals: “Hoe zit de hemel er uit? Doet het pijn als je dood bent?” Christian daarentegen had het er nauwelijks over, had geen vragen, ging gewoon door met zijn leventje. Hij vroeg af en toe: “Mama, is je vriendje nog steeds dood? Ben je nog steeds verdrietig?” En kon met een kort antwoord weer vooruit. Hij genoot van de ceremonie op televisie, bewonderde de vliegtuigen, de auto’s, de militairen, de kisten. Vond het heerlijk om het nog een keer te zien op ‘uitzending gemist’, speelde het na met zijn eigen auto’s en legopoppetjes. Geen idee. Geen enkel idee had hij van wat het nu daadwerkelijk betekende. Het concept ‘dood’ bleek veel te abstract, hij kon het niet bevatten.

Ik vond het wel een prettig idee dat het niet tot hem doordrong. Zulke vreselijke gebeurtenissen zijn niet te bevatten, dan maar beter dat hij er niets van beseft en er niet over nadenkt. Ik koester zijn onschuld en onwetendheid. Eveline hebben we een stap dichterbij de naakte waarheid moeten brengen: dat de wereld niet altijd mooi is, mensen niet altijd aardig. Dat er soms duistere, verdrietige en heel vreselijke dingen gebeuren, zonder dat het ‘waarom’ begrijpelijk is. Een klein stukje van haar onschuld verdwenen. Dan heeft Christian het af en toe zo slecht nog niet in zijn autistische bubbel. De bubbel die narigheid op afstand kan houden, zelfs de dood.