Ziek

Abrupt vliegen mijn ogen open. Een blik op de klok vertelt me dat het vroeg in de ochtend is. Ik probeer me te oriënteren op het geluid dat me heeft gewekt. Het blijft even stil, maar dan onmiskenbaar: het geluid van overgeven. Ik hoor meteen dat het Christian is. Ik stuur manlief er op af en in de tijd die hij nodig heeft om het bed uit te rollen –en degenen die mijn man kennen weten dat dit wel even kan duren- blijft het stil. Christian roept niet, hij huilt niet, hij handelt niet. Al voelt hij zich beroerd, al zit hij helemaal onder het spuug. Het verbaast me telkens weer. Waar zijn zusje paniekerig of op zijn minst zielig begint te snikken en te roepen om haar mama, zelfs al voordat ze daadwerkelijk gespuugd heeft, lijkt Christian zo overvallen door wat hem gebeurt dat het even duurt voordat hij kan reageren (uiteindelijk roept hij ook wel hoor, maar daar gaan minuten overheen).

Terwijl de schoonmaak werkzaamheden plaats vinden, concludeert Christian dat hij ziek is en wil graag bevestiging dat hij niet naar school hoeft die dag. Aangezien hij nooit spuugt tenzij ziek, kunnen we hem snel geruststellen: hij mag lekker thuis blijven. Je ziet dan zichtbaar spanning van zijn schouders glijden en enthousiast, bijna energiek begint hij zich te verheugen op de dag. Ziek zijn betekent namelijk een andere routine, met vaste elementen waar hij van geniet. Hij mag op ‘het blauw’ (een matrasje met blauwe hoes) in de woonkamer, met zijn eigen dekbed en kussen, hij mag de hele dag in de pyjama blijven, hij mag meer sap drinken dan normaal, hij mag de hele dag filmpjes kijken en niet onbelangrijk, hij mag op de knopjes duwen (vooruit, achteruit, stop). Nou, dan kan zijn dag niet meer stuk, hoor! Inmiddels is het tijd voor ons allemaal om op te staan en Christian ratelt maar door tegen Eveline. “Ik ben ziek!” zegt hij triomfantelijk, “Kindjes die ziek zijn hoeven niet naar school! Kindjes die beter zijn moeten wel naar school. Welk kindje is ziek? Dan zeg je: ben je ziek, Christian?” Ik neem het Eveline niet kwalijk dat ze inmiddels sip kijkt en toch opeens ook wel een beetje ‘keelpijn’ ontwikkelt.

Als Christian geïnstalleerd is op ‘het blauw’ voor de televisie, stuiterend van plezier onder zijn dekbed, komt de volgende onvermijdelijke vraag: “Mama? Wanneer doen we het ontbijt?” Ik rol met mijn ogen. Gezien het feit dat hij een uurtje geleden de boel onder gespuugd heeft, zou je denken dat eten het laatste zou zijn waaraan hij denkt. Maar zo werkt het bij hem niet. De eetmomenten zijn belangrijke onderdelen van de dagelijkse routine en geven hem houvast. Hij eet iedere ochtend twee boterhammen, ‘omdat het zo hoort’, ongeacht hoe hij zich voelt. Ik denk dat hij de signalen van zijn lichaam, zoals misselijkheid, opgeblazen gevoel en volstrekt gebrek aan eetlust, veel meer kan negeren dan dat wij dat kunnen.

In het verleden zijn we hiermee flink de fout in gegaan. Dan gaven we hem die boterhammen, concludeerden we dat hij zo ziek wel niet zou zijn (tenslotte, levendig en 2 boterhammen gegeten!) en lieten hem gewoon naar school gaan. Waar hij dan anderhalf uur later alles weer overgaf en we hem weer konden ophalen. En als je hem dan kwam ophalen, stuiterde hij weer enthousiast, ontzettend blij dat hij naar huis mocht. Onderweg naar huis alleen maar tetteren. Zo levendig dat je ging denken: ziek?? Maar ja, inmiddels weten we dat die levendigheid zo weer om kan slaan in stil, teruggetrokken gedrag met een bleek snoetje. Hij is dan toch echt wel ziek. Hij heeft alleen veel meer pieken en dalen, van moment tot moment, dan we gewend zijn van zijn zusjes als die ziek zijn.

Toch blijf ik het inschatten of hij nu wel of niet ziek is, wel of niet naar school kan, één van de moeilijkste dingen. Hij roept namelijk regelmatig dat hij ziek is, doet alsof hij ziek is. Of hij heeft buikpijn, hoofdpijn, beenpijn, voelt zich niet zo lekker… Ik neem het meestal niet zo serieus en stel altijd een ‘medicijn’ voor, zoals medicijn-sap, medicijn-boterham, medicijn-koekje, medicijn-kusje-erop. En weet je wat? Meestal ‘helpt’ dat ook, ha ha! Maar ja. Soms is hij natuurlijk ook echt ziek, echt niet lekker. Als hij niet naar school wil en krampachtig begint te vragen of hij thuis mag blijven, dan moeten we alert zijn. Dan nog kan het zijn dat hij alleen maar moe is, of dat hij nog vol is in zijn hoofd en graag een ‘ontspannen’ dagje thuis zou willen hebben. Schoolziek noem ik dat dan maar. Op zich is dat ook geen probleem, ik gun hem best af en toe een baaldagje, maar als werkende ouders is ziekteverzuim van school ook een praktisch probleem (wie gaat op hem passen?), waar je het liefst alleen een oplossing voor forceert als het echt, echt nodig is.

Vandaag ben ik dan ook blij dat hij gespuugd heeft, dan is het duidelijk. Hij heeft geen koorts (dat vind ik ook zo’n fijn objectief teken van ziek zijn die beslissing makkelijk maakt), maar hij moet gewoon thuis blijven. Ik neem hem in bescherming tegen zichzelf en beslis dat hij voorlopig niets te eten krijgt, eerst maar eens wat moet drinken (zonder te spugen) en dat we dan wel zullen zien. Als iedereen het huis uit is, papa naar het werk, Eveline naar school, stort hij in en kijkt stil liggend naar zijn filmpje. Ja, hij is echt ziek. “Mama?” zegt hij met een klein stemmetje, zo in tegenspraak met zijn normale manier van doen, “Ik denk dat de kindjes in de klas wel verdrietig zullen zijn. Ze zullen vragen aan de juf, waar is onze vriend Christian? En dan zegt de juf, Christian is ziek. Dat zullen ze wel jammer vinden.” Nou, lieverd, dat denk ik ook. Beterschap!

Advertenties